July 11, 2017

Op Verhalenjacht in het Land van de Duizend Heuvels

In mijn werk als journalist ben ik me altijd bewust van beeldvorming, en mijn rol daarin. Nog steeds is het beeld dat veel mensen hebben van Afrika eenzijdig. Afrika is meer dan oorlog, armoede, corruptie, tropische ziektes en lemen hutten. Veel meer. Maar doorslaan naar de andere kant – de kant van tech startups, luxe shopping malls en hippe mode – geeft ook geen eerlijk beeld. Gebalanceerde berichtgeving is nodig. Iets van beide werelden. En precies daarom vind ik Afrika ook zo’n fascinerend continent.

Ik probeer deze veelzijdigheid in mijn verhalen te laten zien. Vandaar ook dat ik veel achtergrondverhalen maak. Met iets minder nieuwswaarde, want positief ‘nieuws’ is nou eenmaal vaak geen nieuws. Maar wèl heel belangrijk, vind ik. Op deze manier hoop ik, al is het maar een beetje, bij te dragen aan een evenwichtiger beeld van dit enorm diverse continent.

In mei zette ik voor het eerst voet op Rwandese bodem. Er stond een prachtige rondreis op het programma van hoofdstad Kigali noordwaarts richting de Oegandese metropool Kampala. We aten brochettes (vleesspiezen) voor een knapperend haardvuur in het stadje Musanze en beklommen de Bisoke vulkaan op de grens met de Democratische Republiek Congo. Op en top vakantie dus. De afgelopen twee weken was ik opnieuw in Rwanda. Dit keer om te werken aan een aantal verhalen. En eigenlijk maakte ik dit keer pas echt kennis met het beeldschone landje in Centraal Afrika.

Vrouwen brengen manden met bananen naar de markt.

Even terug in de tijd.

“Dit is niet bestemd voor de ogen van een tienjarig meisje”, zegt mijn vader beschermend, terwijl hij met zijn hand mijn ogen bedekt. Het is april 1994 en het achtuurjournaal besteedt aandacht aan de genocide in Rwanda. Door zijn vingers heen zie ik flarden van machetes, massagraven en duizenden vluchtelingen. In slechts 100 dagen worden ruim 800.000 mensen roekeloos afgeslacht. Dat is een tiende van de hele bevolking, en 75 procent van alle Tutsi’s. De aantallen zijn duizelingwekkend.

Dertien jaar later is deze anekdote de inleiding van mijn eerste essay tijdens de minor Conflict Studies & Human Rights. Hoe cru ook, de tragedie in Rwanda boeide me. Ik probeerde te begrijpen waarom mensen – buren, collega’s, vrienden en zelfs familieleden – elkaar zo massaal konden vermoorden. Ik keek films als Shooting Dogs en Hotel Rwanda, las er talloze boeken over en vele papers volgden.

Juist vanwege deze jarenlange interesse stond Rwanda al tijden op mijn ‘lijst’. Maar tegelijkertijd wilde ik vasthouden aan mijn beeldvormingsprincipe, en afwijken van mijn enige referentie aan het land: de genocide. Het is inmiddels 23 jaar geleden dus er zijn vast ook andere interessante verhalen te vinden. Rwanda is meer dan de genocide.

Het eerste verhaal waarmee ik aan de slag ga gaat over streetart. In Kigali ga ik op pad met Jean Baptiste Rukundo, een kunstenaar die me allerlei muurschilderingen laat zien die voorbijgangers iets moeten leren. Van het schoonhouden van de stad tot preventie van hiv en aids. De felgekleurde tekeningen in de openbare ruimte zijn een nieuw verschijnsel in het land en de Rwandezen moeten er zichtbaar nog wat aan wennen.

Vrouw loopt langs een muurschildering over het belang van het schoonhouden van de stad.

De dag erna bezoek ik de eerste grote rozenkwekerij in Rwanda, ongeveer 1,5 uur buiten de hoofdstad. Het is een project waarmee de regering wil laten zien dat het mogelijk is om bloemen te exporteren. Het land vraagt buitenlandse investeerders nu om neer te strijken in het oosten van Rwanda, waar vele hectares land al klaarliggen.

In de kassen van Bella Flowers in Rwamagana District, het oosten van Rwanda.

Vervolgens reis ik in alle vroegte naar het noorden, een prachtige weg met bergpassen en waanzinnige uitzichten. Halverwege worden we getrakteerd op een wonderschone zonsopgang. Mannen duwen hun met zakken aardappelen beladen fiets de heuvel op en vrouwen en meisjes gehuld in kleurige jurken halen water met gele jerrycans op hun hoofd.

Terwijl in Frankrijk de Tour de France wordt gereden maak ik hier een verhaal over de populariteit van wielrennen in Rwanda en de snelle opkomst van het nationale fietsteam. In Karago, een klein dorp met uitzicht op een meer dat dezelfde naam draagt, ontmoet ik het zestienjarige talent Jean-Eric en zijn familie. Hij zit in het jeugdteam van Team Rwanda en zijn ambities zijn torenhoog.

Hier interview ik Jean-Eric voor een radioreportage voor Deutsche Welle.

Wat je al niet doet voor een goede foto…

Aan tafel met de familie van Jean-Eric.

Ik volg Jean-Eric naar het trainingskamp waaraan hij deelneemt in het Africa Rising Cycling Centre, de home base van Team Rwanda in de schaduw van de imposante Virunga bergen. Twee dagen spendeer ik met Rwanda’s fietstoppers om zo een beter beeld te krijgen van het leven dat ze leiden. We eten samen, doen yoga in de avonduren en achterop de motor bij meervoudig winnaar van de Tour du Rwanda Abraham Ruhumuriza volg ik de renners tijdens een trainingsronde. Ik voel me bijna een sportfotograaf. Met nadruk op bijna.

Het andere verhaal waaraan ik werk in het noorden gaat over de groei van het aantal berggorilla’s en de rol van ecotoerisme daarin. Vorige maand stond ik oog in oog met deze indrukwekkende dieren en nu ga ik langs bij het gorilla onderzoeksinstituut Dian Fossey Fund en interview ik de parkmanager van het Volcanoes National Park, het leefgebied van ongeveer 440 berggorilla’s.

Volcanoes National Park in het noorden van Rwanda.

Deze verhalen belichten verschillende kanten van Rwanda. En zijn veelal optimistisch. Helemaal loslaten kon ik de geschiedenis niet. De genocide heeft immers zoveel sporen nagelaten. In en rondom Kigali werkte ik daarom aan een verhaal over de “vergeten slachtoffers”, kinderen die zijn voortgekomen uit verkrachtingen. Ik interviewde drie vrouwen en hun zoon of dochter, allen geboren in 1995 en nu 22 jaar oud. Het is het heftigste verhaal dat ik ooit gemaakt heb. En zonder de hulp van vertaler Claire en de toewijding en het geduld van maatschappelijk werkster Mama Lambert, die zelf vijf kinderen en haar man heeft verloren tijdens de genocide, had ik dit verhaal nooit kunnen maken.

Inmiddels ben ik weer in hectisch Nairobi en kijk ik terug op een geslaagde tijd in dit bijzondere land. In nog geen twee weken heb ik gewerkt aan een mooie mix van verhalen. De komende weken blijf ik in mijn hoofd nog even hangen tussen de Duizend Heuvels, want nu ga ik de artikelen schrijven, de radioreportages monteren en de fotoseries editen.

Mijn verhalen verschijnen de komende weken op de website van Deutsche Welle en in Nieuwe Revu, Algemeen Dagblad, Vakblad voor de Bloemisterij en het Reformatorisch Dagblad.

RECENT POSTS